Hayke hipt


Hayke loopt met ‘n hipje. Maar: alleen bij het mennen als ze rechtsom loopt. Iets doet pijn. Maar wat? En waar?

In de paardenkliniek dendert Hayke onder het toeziend oog van paardendokter Wim rechtuit en rondjes. Als een monter dieseltje draaft ze voltes, linksom, rechtsom. Niks kreupel! Het ziet er prima uit. Buigen, kloppen, scannen en röntgenfoto’s maken  - het levert niets op. Als dit een paardenkeuring was, zou ze worden goedgekeurd, zegt dokter Wim opgewekt. Alleen het filmpje dat we hebben van Hayke's gehip laat zien dat er echt wel wat mis is. Op grond daarvan denkt dokter Wim aan een probleem in Hayke’s linker voorbeen.

Een diagnose stellen zonder zichtbaar hipje in real time is lastig als je geen Derek Ogilvie of Jomanda heet. Dokter Wim is echter bereid om bij ons langs te komen om Hayke voor de kar te zien hippen. Op zijn vrije dag, de lieverd. Dan wil hij het linker voorbeen gefaseerd uitverdoven: onderaan beginnen, steeds een stukje hoger en kijken wanneer het hipje verdwijnt.

Twee weken later. De auto van dokter Wim draait het erf op. Hayke is al bezig met de warming up. Daar draaft ze haar eerste rondjes. Linksom? Prima. Rechtsom? Hip. Hip Hip. Gelukkig, dokter Wim is niet voor niets gekomen.

Inge rijdt kar en paard naar de schuur. Daar krijgt Hayke een praam om de neus - dat is een stok met een lus eraan die om de neus van het paard wordt gedraaid om haar rustig te houden. Het ziet er niet prettig uit, maar in deskundige handen werkt het op bepaalde drukpunten en zorgt zo voor stressverlagende endomorfine. Gelukkig voor Hayke mag ik de praam niet hanteren. Het werkt goed.

Dokter Wim geeft haar een aantal verdovende injecties in de zenuwen bij het hoefgewricht. Een paar minuten later gaat Hayke weer naar de bak om voltes te draaien. Hip. Hip Hip. De pijn zit dus niet in het hoefgewricht. Terug naar de schuur, kar uit de weg, praam erop en nieuwe verdoving erin, nu iets hoger in het been. Dokter Wim werkt secuur en doelgericht. Hij doet het duidelijk niet voor het eerst. 

De procedure wordt een aantal keren herhaald: Voor de kar, naar de bak, rondjes lopen. Hip. Hip Hip. Naar de schuur, Hayke loskoppelen van de kar, hoger stukje been verdoven. Voor de kar, naar de bak, rondjes lopen. Hip. Hip Hip. Terug naar de schuur. De spuit heeft inmiddels de zenuwen bij de elleboog verdoofd. Dat gewricht wordt bij paarden 'voorknie' genoemd omdat paarden wel benen maar geen armen hebben. Terug naar de bak. Hayke draaft haar rondjes. Ik kijk, kijk, kijk. Wanneer komt de wonderbaarlijke ommekeer, de transformatie van Hayke van hinkepinkepootje naar Usain-Bolt-in-slowmotion-naar-de-finish?  

De werkelijkheid is altijd subtieler. Loopt Hayke nu iets soepeler of beeld ik me dat in?', zeg ik tegen dokter Wim. Die antwoordt dat hij ook de indruk heeft Hayke beter loopt en voegt daar aan toe dat ook artsen kunnen lijden aan Wishful Thinking. Wij turen naar Hayke voor de kar. Inge bevestigt vanaf de bok: ja, het voelt nu beter. Dan gaat het dus om de voorknie.

(Inge had haar oude leerboek erbij gehaald. De verdovende prikken werkten vooral op de zenuwen -ook die van mij-  maar de ontstekingsremmende injectie was voor het gewricht.)

Hayke krijgt een laatste, ontstekingsremmende, prikken. En zes weken vakantie. En een wortel.  


Als dokter Wim weer weg is vragen we ons weer van alles af… Hayke loopt alleen mank voor de kar, en dan zet ze juist kracht met haar schóuder. Misschien zit het toch in de schouder. Of: óók in de schouder. Want wie zegt dat dit probleem maar op één plek zit?

Konden paarden maar praten. 

 

 

#PakDieTak!

 

Ik ben ontzettend goed in #Wacht. 

 

Ik ben zelfs beter in #Wacht dan in #EvenOppassen. Maar ik ben ook erg goed in #EvenOppassen, vooral op paarden. Niemand kan zo goed #EvenOppassen op paarden als ik. Ik hoef geen riante huiskamer want ik heb een garage. Ik hoef geen bed want ik heb een stretcher. En ik zit al helemaal niet te wachten op een hoekbank met tv. Dat komt omdat ik heel goed ben in #LetOp!, zo goed dat ik niet níet kan opletten. Vooral op harde geluiden, gepiep, geschreeuw en gillende autobanden. Dan maar liever Heel Holland Bakt want daar gebeurt tenminste niets.

 

Denk niet dat ik saai ben; ik ben bijvoorbeeld ook heel erg goed in spelen. Toen ik nog heel klein was, heb ik #PakDieTak! geleerd. Welke tak? De tak die ik kies: dik, dun, hard, fliebelig, hout, stro, riet; heel goed zichtbaar of bijna niet. Ja, ik ben ook heel goed in dichten.

 

#PakDieTak! speel je het beste met z’n tweeën. Ik nodig dan ook altijd iemand uit om mee te spelen. Maakt niet uit wie, ik discrimineer niet. Ik win toch altijd. Een mens denkt meestal dat #PakDieTak! betekent dat ik een weggegooide tak ga terugbrengen. Waar zit daar de uitdaging? Bij het échte #PakDieTak! gaat het erom wie de tak het eerste van de grond grist. Omdat mensen te dom zijn om hun grijporgaan dicht bij de grond te houden, zijn ze altijd te laat. Ik zou wel de hele dag #PakDieTak! kunnen spelen. 

Maar dan wordt het buiten donker en ik moet mee naar de huiskamer, tv kijken. Nu Heel Holland Bakt is afgelopen, kijken we naar Border Control Australia (tenslotte ben ik een halve Border Collie) en - #LetOp! - daar gebeurt eigenlijk ook niets,  Dan mag ik weer naar de beste plek: mijn stretcher onder de werkbank in de garage. Morgen ga ik weer #EvenOppassen op de paarden. Tot die tijd #LekkerSlapen. Daar ben ik ontzettend goed in. Het wordt vanzelf weer licht. Had ik trouwens al verteld dat ik ook ontzettend goed ben in #Wacht? Ik ben zelfs beter in #Wacht dan in #EvenOppassen.