De Ontdekking van de wandkast
Lives to tell the tale
Het is misschien wel zware kost, maar het leest als een trein. Deel 1 gaat over het begin, als Lisa ziek wordt maar daar natuurlijk helemaal geen tijd voor heeft. Ze moet na het weekend aan haar stage beginnen! maar in plaats van de stageplek belandt ze op de Intensive Care van het Leidsch Academisch Medisch Centrum.
Deel 2 van het boek bestaat uit dagboekaantekeningen van de ouders en zuster van Lisa, als zij door de artsen in coma wordt gehouden. Dat vond ik het meest frustrerende stuk van het boek: telkens als het beter lijkt te gaan komt er weer een complicatie.
In deel 3 neemt Lisa het weer over: ze kan dan de draad oppakken en vertellen hoe het voor haar is. En dat doet ze geweldig. Afkickend van medicijnen, heeft ze hallucinaties. Ze denkt op een gegeven moment dat er een dikke man bij haar in bed is geklommen. Zo storend - en raar dat de verpleging daar niets over zegt. Het blijkt een kussen onder haar arm te zijn. Erg geestig.
Lisa schreef het om haar ervaringen te verwerken, maar ook om wat terug te doen: de opbrengst gaat naar het Doelfonds Leukemie van de Bontius Stichting in Leiden. Als je wilt weten hoe het is als kankerpatient in een ziekenhuis te liggen, is dit boek een aanrader.
Officieel Open
Snoei Hard
Het resultaat van een weekendje tuinieren in een tuin waar al een hele tijd niets gebeurd is. Bij mij roept het gevoelens van Oorlog op: hakken, snoeien, kappen - een keihard gevecht tegen de enorme hoeveelheid takken die de natuur de wereld in meent te moeten slingeren. De rozebottelstruiken waren mijn persoonlijke Taliban.
De bestrating is door Inge met de hogedrukspuit schoongemaakt - meer dan een halve dag meuk schoonspuiten en waarbij je zelf eindigt als de Modderman. Maar het terras is opeens weer wit en de klinkerpaadjes slingeren zich nu helder een weg door de tuin. Een paar uur voor vertrek heb ik de hulstboom te grazen genomen. Op de bovenste foto, waar Chick en Chucky het dak inspecteren, kun je er nog een stukje van zien; een massieve, donkergroene, brede, immer verder uitdijende zuil. Nadat ik klaar was, leek het weer een boompje met een licht stammetje. De gesnoeide takken zullen t.z.t. een prachtig paasvuur maken.
De bevroren werkelijkheid van Guy Tillim
Wat is Huis Marseille toch een geweldig. De kwaliteit van hun tentoonstellingen is bijna zonder uitzondering heel hoog. Hier kan je blind binnenstappen om fantastische foto's te zien.
De Zuidafrikaanse fotograaf Guy Tillim doet landschapsfotografie -zowel natuur- als stadslandschappen. Hij neemt duidelijk alle tijd voor compositie, de kleuren zijn verzadigd en het licht is prachtig. Omdat alles superscherp is, lijkt het net alsof de werkelijkheid bevroren is. Je gaat denken: Eén zwaai met een toverstafje en de mensen en de auto's op deze foto komen in beweging om hun weg te vervolgen. Maar nee. Hier zijn ze voor altijd bevroren. "Second Nature" is in Huis Marseille te zien van 2 maart tot 3 juni 2012.
Het Juiste Woord
Eén onderdeel van de avond was de uitreiking van de Vertaalengel en de Vertaalduivel. De Vertaalengel was voor Dóra Károlyi van de (inmiddels opgeheven) Hungarian Book Foundation. Ontzettend aardige vrouw, ook. Maar ik ga het over de Vertaalduivel hebben
De Vertaalduivel is een 'plaagstootje' voor een organisatie of persoon die iets heel moois zou kunnen doen voor vertalers, maar dat tot nu toe heeft nagelaten. Dit jaar was dat voor de uitgever van Het Juiste Woord. (HJW).
HJW is een bijzonder woordenboek. Het geeft woorden per onderwerp - heel fijn voor wie synoniemen zoekt, alternatieven, tegenstellingen. Onmisbaar voor vertalers en fanatieke kruiswoordpuzzeloplossers.
Probleem met HJW: het is verouderd. De laatste herziene druk is uit 1988. De eerste druk zag het licht in 1931 en werd gemaakt door de Vlaamse priester en Jezuit Lodewijk Brouwers. en later voortgezet door pater F. Claes (de religieuze achtergrond van de auteurs verklaart waarom er relatief weinig schuttingwoorden in voorkomen, maar wel heel veel kerkse termen).Tante Katja had het in de kast staan: de 2e druk uit 1942 van uitgeverij Brepolis in Turnhout (nu ligt het op mijn nachtkastje).
Jurylid en vertaalster Marijke Emeis vertelde dat de rechten van het boek nu bij uitgeverij WPG België berust. Zij las de bijzonder aardige brief voor die zij ontvangen had. De uitgever (was het Patricia Dufour?) had pater Claes nog gekend en hem bezocht in zijn kamerke boordevol kaartenbakken en een hometrainer.
Het boek is met OCR gedigitaliseerd en kan daarom nog wel herdrukt worden. Maar voor bijwerken van dit specialistische werk ontbreekt het de uitgeverij aan geld en mensen. Met de huidige ontkerkelijking zijn er natuurlijk ook geen paters meer te vinden voor dit monnikenwerk. Materiaal van pater Claes ligt nog bij de uitgeverij die het niet over haar hart kon krijgen om het weg te doen WPG Belgie accepteerde de prijs wel, en iemand komt 'm dit jaar vast wel ophalen.
Misschien dat een hoogleraar taalkunde met een legertje studenten uitkomst kan bieden? Dat zou nou echt Een Juiste Daad zijn.
Klussende Katten
Stallen schoonmaken, honden uitlaten, was ophangen, struiken snoeien: Chucky is er altijd als de kippen bij. Ook bij deze poging om een oud electriciteitssnoer achter de kast te verwijderen, wordt Inge door Chucky op de vingers gekeken. Hij zit er zoals gewoonlijk met zijn neus bovenop - de Inspecteur-Generaal van Woudsend.
Sporen: Poezenpootjes in het bladerdeeg
De plakjes bladerdeeg die op het aanrecht lagen om te ontdooien, zijn her en der gedecoreerd geraakt omdat Chuck de boel zonodig moest inspecteren. Ik zag het pas nadat ik hem van het aanrecht had geveegd omdat hij met zijn poten op het bakpapier in de taartvorm ging staan.
Genieten Int Van Gogh
Beest & Gebit
A Room With a View
De schemering valt maar het is nog licht genoeg om te kunnen zien dat de stadsvernieuwing de eerste ferme klappen aan het uitdelen is: de binnenkant (van 'interieurs' kun je nu niet meer spreken) van de flat aan de rechterzijde wordt gestript.
Een paar straten verderop is het proces bijna klaar. Nog even en de Ottho Heldringstraat kan weer open voor alle verkeer. Het ziet er vergeleken met een aantal jaren geleden goed uit; ik hoop dat ik dat straks ook van dit uitzicht zal kunnen zeggen. Voorlopig word je er niet echt vrolijk van. Wordt Vervolgd!
Wina
Verdwaald. Almere Poort
Plesmanlaan
Nieuw Bedje
Het witte bedje was niet meer te krijgen, het bruine bedje sleet zijn dagen ongebruikt en ongeliefd op het Amsterdams balkon. Nu hangt het, van roest en vuil ontdaan, aan de radiator in Friesland. Het lijkt me instant hit.
Het Loerende Mannetje
(Als je op het plaatje klikt, gaat het kloppen)
We zitten in een het Lucas ziekenhuis, wachtend op het echofilmpje van haar hart - onderzoek naar mogelijk hartfalen. Dat is dat je hart het zuurstofrijke bloed niet meer goed rondpompt, zodat je koude voeten, koude handen, een koude neus krijgt. En in een gesprek snel buiten adem raakt. We wachten op onze beurt. Mijn moeder doet, om de tijd te verdrijven, het Loerende Mannetje na. Ze doet het goed.
Het komt zo.
Mijn ouders zitten in het Verpleegtehuis. De meeste mensen van hun afdeling zitten overdag in de Huiskamer. Het is niet mijn idee van een huiskamer, het doet mij denken aan een parkeerterrein voor menselijk wrakhout - al klinkt dat onbarmhartiger dan het bedoeld is. Maar ik ben blij ben dat mijn ouders in hun eigen kamer leven. Daarin staan wat eigen meubels - stoelen, kasten, schilderijen, het digitale fotolijstje, de Friese staartklok, boeken, platen, cd's en de onvermijdelijke oudemansvriend: televisie. Ze hebben er een eigen plek.
Elke dag, tegen twaalf uur 's middags, gaan mijn ouders naar de huiskamer voor het middageten. Daar heeft iedereen zijn vaste plaats. Mijn ouders hebben een plek aan de mannentafel toegewezen gekregen. Echtparen zijn in het Verpleegtehuis als witte raven: er zijn zoveel meer vrouwen dan mannen, dat er maar één tafel met mannen is - aan alle andere zitten vrouwen. Mijn ouders - gemengd stel, in deze context - zijn aan de mannentafel geplaatst. Anders zou mijn vader zo heel erg tussen vrouwen zitten. Nu zit mijn moeder tussen de mannen.
De mannen negeren haar. Is het een stil verzet? Een onuitgesproken maar volmondig Nee! van mannen die geen inbreng hebben in een tafelgesprek dat sowieso niet meer gevoerd wordt? Op deze plek, waar de helft van de aanwezigen door een beroerte, de rest door dementie getroffen is, kom je daar niet meer achter. Maar hoe dan ook, op het Goedenmiddag van mijn moeder aan de heren krijgt ze geen antwoord. En zij negeer zij de mannen daarom ook. De middagmaaltijd wordt in stilte genoten. 'Ik negeer hem,' zegt mijn moeder over het Loerende Mannetje. 'En hij negeert mij.' Maar dat kan niet waar zijn. Want ze kan hem heel goed nadoen.
Ht klopt ook al niet omdat mijn vader het loerende mannetje ooit, bij de kennismaking, de hand heeft geschud. De hand geschud! Dat schept een band. Háár negeert hij, maar volgens mijn moeder is mijn vader sinds het handenschudden voor het loerende mannetje een held. Een rolmodel. Af en toe hangt hij in zijn rolstoel voor de deur van hun kamer en kijkt verlangend naar binnen. 'Je laat hem er níet in,' sist mijn moeder dan. En het verplegend personeel schiet te hulp. 'Nee meneer, u mag hier niet naar binnen. Uw kamer is dáár, verderop.' En zo wordt hij weggeloodst.
We zijn in het Lucas. Het is het tijd voor de echo van het hart. Dat klopt. Regelmatig. Gestaag. Al 91 jaar. Still going strong.
Verboden aan te meren
Voorlopig valt het wel mee: het ijs is dik genoeg om een personenauto te dragen. En Chucky zit nu te mauwen voor de deur van de sauna. Warmte bevalt hem nog altijd beter.
Arreslee races in Gaasterland
Arreslee racen in Gaasterland: fraai winterweer, kleurig opgetuigde paarden, een startmeester in beige jas, veel bontmutsen en baarden (wel zo praktisch, bij deze temperaturen) en een defilé van de deelnemende aanspanningen.
De Kamer
Inmiddels heeft het bureautje van Adriaan gezelschap gekregen van de prullenbak van Hanneke (uit Alkmaar), de beddensprei van Willie en Egbert (uit Beekbergen) en de stoel van De Liefde (uit Bemmel). De platenspeler is een bijkomstige bonus - authentiek maar helaas lijkt de opwindveer gebroken. Wellicht kan broer dit fixen?
Het kleed moet nog vervangen maar er is geen haast. Er is ruimte voor meer passende prenten aan de muur - niet in de zin van andere maar van meer.
De kamer raakt steeds verder aangekleed. Dit is een leuk spelletje.
Thema

Leuk is dat, zo'n eureka-momentje. Wat eraan vooraf ging: Ik reed in mijn auto langs de duinen ergens bij Egmond en zag in een flits een door de late middagzon beschenen Schotse hooglander boven op een duin. Wow. Ik pleurde de auto langs de weg en holde het duin op, camera in de aanslag. Toen ik vlakbij kwam stond de koe in de schaduw te grazen.
Ik wachtte geduldig in de snijdend koude wind t0t de koe - of een van haar twee vriendjes - weer in het fraaie strijklicht zou gaan staan, met het desolate duinlandschap als achtergrond. Wel hinderlijk dat er links van die lelijke flatgebouwen stonden. Jammer ook dat de zon steeds verder zakte en de kans dat er een zonnestraal op een koeienkop zou vallen steeds kleiner werd. En dan - weer een beest op mijn blog? Schapen, honden, katten, paarden en nou weer een koe - maar ik ben geen natuurfotograaf. Dat is niet echt mijn ding. Onbevredigd kleumde ik terug naar de auto.
Komt het eureka-momentje - vanavond in café Rosereijn. Ik realiseerde me daar opeens dat ik regelmatig foto's maak waarin beesten in een door de mens gemaakte, gecultiveerde omgeving zijn. Ik zou het zelfs wel een soort thema kunnen noemen. Dus die lelijke gebouwen, die horen er bij. Eenmaal thuis: snel kijken of ik überhaupt foto's heb waar de huizen op staan. Dat bleek er eentje te zijn - deze. Nu klopt het beeld opeens wel. En wat zie ik daar: op één koeienkont schijnt warempel nog een heel klein beetje zon.
Blast from the past


De buitenbak wordt gevaarlijk voor de paarden als het eenmaal vriezen gaat - het zand wordt eerst bultig en dan keihard en voor je het weet verstapt Feye of Melvin zich en loopt een beenblessure op.
De eg is (via Marktplaats) gekocht in Brabant. Hij is roestig en zwaar maar dat zou je niet zeggen als je Feye ervoor ziet stappen. Voor hem weegt het bijna niets. Na een half uur eggen is er van hem nog geen zweetdruppeltje afgevallen, wat je niet kunt zeggen van Inge die ernaast loopt.
Voor mij is dit beeld een soort 'blast from the past' - toen ik klein was, woonde ik in een huis dat uitkeek op velden die eigendom waren van Het Hooge Land. Het Hooge Land was een stichting voor (onder andere) oude boertjes op de Veluwe die niet meer thuis gehouden konden worden. Op Het Hooge Land waren twee Belgische trekpaarden waarmee geploegd en geëgd kon worden en allerlei andere dingen die je met Belgische trekpaarden kunt doen.
Ik vond het indertijd volkomen normaal om een paard met ploeg of eg door het land te zien gaan - pas jaren later realiseerde ik mij dat het ook in de jaren 60 en 70 geen alledaags gezicht meer was. Ik had het tot vandaag ook al decennia niet meer gezien.
Maar nu dus wel. In een half uurtje is de buitenbak geëgaliseerd. Het zand rul en los. Voor de katten is dit een kattenbak die qua omvang thuishoort in het Guiness Book of Records.
Geachte cliente, t'is lente

Er is nog geen winter geweest en de eerste lammetjes zijn alweer gearriveerd. Buurman Schaap (zo heet-ie echt) heeft vier drachtige Suffolk-schapen gekocht en vernoemd naar zijn vrouw en drie kleindochters. Inmiddels is er eentje niet meer zwanger. Zij heeft het leven geschonken aan een stevige tweeling (broer en zus, of rammetje en ooitje zoals schapologen dat noemen). Beiden gezond en geboren op donderdag 26 januari.
Het was zo schemerig in de stal dat de autofocus niet werkte. Ik heb op de gok de afstand ingesteld en geflitst. Gelukkig leken ze dat niet erg te vinden. Suffolk-schapen zijn sowieso niet erg op mensen - flits of niet, ze komen niet naar je toe om eventjes achter de oortjes gekriebeld te worden. Dus het is geen enorm schattige foto geworden zoals je dat bij lammetjes eigenlijk zou willen. Voor lammeren die anderhalve dag geleden geboren zijn, zijn het eigenlijk enorme bulken van beesten - enorm. Blij dat ik die niet hoefde te baren. De natuurlijke moeder (ze heet Etty) had er gelukkig geen problemen mee.
Rusthuis voor honden
Veel Bekijks

Amsterdam, Beatrixpark. Deze sculptuur vast gemaakt om het Ondergronds Verzet te verbeelden. Geïnspireerd door de Tweede Wereldoorlog, of in de Jaren 60 als verzet tegen de autoriteiten. Al die gebalde vuisten hebben in elk geval iets met basis, van onderop, revolutie en verzet.
Het is een inspirerend werk want elke keer als ik er langsloop - wat vroeger vaker gebeurde omdat ik er vaak met de hond wandelde - heeft iemand er wel iets mee gedaan. Ballonnen aan vastgebonden. Vuisten met rode verf gekleurd. Slingers aan gehangen. Of handtasjes.
Dit keer mag ik. Ik beklad het kunstwerk digitaal - ter herinnering aan het wakend oog van de massa's in een tijd waar bijna iedereen een camera op z'n mobieltje heeft. En de rest wordt wel door bewakingscamera's in het oog gehouden.
In. Uit. In. Uit. In.



Als ze de wind voelt, duikt ze ineen - maar een geopende deur is onweerstaanbaar en Chick glipt naar buiten. Het regent. Even later wil ze weer naar binnen. Sommige dagen kun je gewoon geen duurzame beslissing nemen. Chuck wandelt de keuken binnen en bekijkt zijn zus met enige belangstelling. Hij wil haar gezellig het huis doorjagen maar dan moet ze wel eerst binnenkomen.
Met een kleine aanpassing is het versje Spleen van Godfried Bomans toepasselijk:
Ik sta mij voor het vensterglas
onnoemlijk te vervelen.
Ik wou dat ik twee poezen was,
dan kon ik samen spelen.
(Bomans werd geïnspireerd door de slotregels van een gedicht van Friedrich Torberg uit 1938: 'ich möchte alles, was ich fühl, nicht fühlen / und ganz allein sein ... Nein, nicht ganz allein: / ich möchte gern zwei kleine Hunde sein / und miteinander spielen.)
De Kamer

In Friesland schreeuwt een kamer om een eigen, prettig karakter - en daaraan moet gehoor gegeven worden. In deze kamer moet je lekker kunnen slapen, maar je moet er ook goed kunnen zitten, prettig kunnen werken, of de laptop openklappen en bloggen. Er moet, kortom, een hoop gebeuren. Het bed staat er. Nu is het tijd voor een schrijftafel.
Op de foto staat een Engels cylinder of roll-top desk - ook wel pigeon hole genoemd vanwege de vele opbergvakjes. Volgens het office museum werd dit soort bureaus gebruikt vanaf 1871. Rond de Eerste Wereldoorlog verloor de pigeon hole desk snel terrein aan andere soorten bureaus, 'the chief objection being the fact that it becomes a receptacle for important papers which are forgotten.' Maar bij kleine bedrijfjes en particulieren hielden deze bureaus langer stand.
Dit exemplaar is gevonden via Marktplaats en werd gekocht van Rob Holla, die het weer erfde van zijn vader: Adriaan Holla, woonachtig aan de Slatuinenweg in Amsterdam. De Slatuinenweg is een kort straatje met lage huisjes, uitkomend op de Admiraal de Ruyterweg, in het verlengde van de Willem de Zwijgerlaan. De familie Holla woonde er jarenlang met 8 kinderen, dus een het is begrijpelijk dat Adriaan een klein, compact bureautje koos. Hij had het tientallen jaren in zijn bezit. Het is een mix van keurig eiken, net verlijmde houtverbindingen, waaibomenhout op de onzichtbare plekken en liefdevol uitgevoerde reparatietjes.
Aan de onderzijde van het bureautje zat deze sticker:
Op het internet vond ik dat dit bedrijf tot in de jaren 1970 was gevestigd aan 2-4 Ash Lane, Rustington, West Sussex, England. Maar daar houdt het spoor op - ik heb verder niets kunnen vinden over dit bedrijf.
Maar het bureautje van Adriaan heeft zijn nieuwe bestemming gevonden en zal in de loop van het jaar worden aangevuld met de bijbehorende parafernalia. Een bureaustoel, bijvoorbeeld. En een prullenbak.


























